Stichting Memisa Medicus Mundi
Archiefnummer: 999
Archiefnaam: MMM
Sector: Kerkelijk en godsdienstig leven
Soort archief: Instellingsarchief
Datering: (1921) 1900-2003
N.B. Zie ook het archief van: Stichting Memisa Medicus Mundi - projectdossiers
en dat van P.J.M. Harte, propagandiste van het Nederlandsch Medisch Missie Comité
Voor inzage toestemming aanvragen via de archivaris
Plaatsingslijst en Rubriekenschema (pdf, 1,5 MB) vernieuwd maart 2019
Ten geleide
Stichting Memisa Medicus Mundi ((1921) 1900-2003)
1. Korte geschiedenis van de archiefvormer[1]
De Stichting Memisa Medicus Mundi (MMM) is ontstaan uit de stichtingen Memisa en Medicus Mundi Nederland. Na een periode van hechte samenwerking, besloten de besturen van beide stichtingen in 1984 tot een fusie.
De Stichting Medische Missie Actie (Memisa) (1925-1984)
De Stichting Memisa is opgericht vanuit de behoefte om medische zorg te verlenen aan Nederlandse missionarissen in het buitenland. Dat dit geen overbodige luxe was blijkt uit de statistieken over de jaren 1853-1917: het sterftepercentage onder de missionarissen bedroeg maar liefst 12% per jaar. Om verbetering in deze situatie te brengen, werden in Nederland en daarbuiten, op verzoek van het Vaticaan, verenigingen van katholieke artsen opgericht om medische bijstand te verlenen aan de missionarissen.
Na afloop van een in 1925 gehouden missietentoonstelling werd door de Haarlemse kapelaan J.C.M. Schiphorst een plan ontwikkeld om een medische afdeling aan een volgende tentoonstelling toe te voegen. Hij nam contact op met de artsen J.J. Bloemen, C.H.A.T. Emmers en E.H. Hermans, die samen de Medische Subcommissie van de Rotterdamse Onderlinge Missie Arbeid (ROMA) vormden, en tevens actief waren in de RK Artsen Vereniging (RKAV). Het idee van Schiphorst werd enthousiast ontvangen. De tweede tentoonstelling, werd mede door toevoeging van de Medische Afdeling een groot succes.
Omdat men de activiteiten wilde uitbreiden met o.a. fondsenwerving, keuringen van aanstaande missionarissen en adviezen over aanschaf van medisch materiaal, kwam in 1928 het Nederlands Medisch Missie Comité (NMMC) tot stand, dat na de Tweede Wereldoorlog onder de naam Memisa een vervolg kreeg. In de jaren zestig nam de kritiek toe op de te éénzijdige, curatieve aanpak van Memisa.
In 1977 vond de benoeming van R.M. Smulders tot directeur plaats, die als opdracht kreeg Memisa verder te professionaliseren en de samenwerking met Medicus Mundi te bevorderen. In het daaropvolgende jaar werden de statuten gewijzigd. Memisa ging zich inzetten voor "medische hulp aan de bevolking van de landen in ontwikkeling in de meest brede zin", waardoor een fusie met Medicus Mundi in zicht kwam. P.D.M. Sleijffers was directeur van Medicus Mundi.
De Stichting Medicus Mundi Nederland (1962-1984)
Eveneens vanuit de Katholieke Artsen Vereniging (KAV) werd in 1962 de Stichting Medicus Mundi Nederland opgericht. Deze stichting kende een andere visie op de medische ontwikkelingshulp dan Memisa. Men wilde medische samenwerking bedrijven op christelijke grondslag, maar niet kerkelijk gebonden. In een tijd van dekolonisatie wilde de nieuwe stichting niet beschouwd worden als een voortzetting of verlengstuk van een koloniale of missionaire organisatie. Het concept van Medicus Mundi werd overgenomen van de Wereldgezondheidsorganisatie: "basisgezondheidszorg voor iedereen - niet alleen ziekenzorg, maar ook preventieve gezondheidszorg geïntegreerd in de ontwikkeling van de samenleving".
Opleiding en inzet van een nieuwe generatie gezondheidswerkers werd tot centrale doelstelling van het beleid gemaakt. Het ging daarbij voornamelijk om de overdracht van kennis, via de Primary Health Care (PHC), en niet zozeer om materiële en financiële hulp, zoals bij Memisa in die jaren wel het geval was. In 1962 werd tevens Medicus Mundi Internationalis opgericht, met afdelingen in Algerije, Ierland, Italië, Oostenrijk, de Verenigde Staten van Amerika en Zwitserland.
Door gebrek aan investeringen werd het voor Medicus Mundi steeds moeilijker dit beleid gestalte te geven. In de jaren zeventig dreigden grote tekorten op de begroting een einde te maken aan het werk. Een oplossing vond men in samenwerking met Memisa.
Stichting Memisa Medicus Mundi (MMM) (1984-heden)
Tussen 1978 en 1984 werden de werkzaamheden van de beide stichtingen geïntegreerd, waarna in 1984 besloten werd tot een fusie. De nieuwe stichting kreeg de naam Memisa Medicus Mundi (MMM). Tussen 1990 en 1993 werd MMM nieuw gehuisvest aan de Eendrachtsweg te Rotterdam en gereorganiseerd onder leiding van J.A.M. Rademaker. De activiteiten werden verdeeld over diverse afdelingen. De oude afdeling Projecten werd opgeheven en vervangen door de afdeling Projectmanagement met vijf onderafdelingen bestaande uit de regio's Anglofoon Afrika (AAF), Latijns Amerika (LAM), Portugees sprekend Afrika (PAF), Frans sprekend Afrika (FAF) en Azië en Oceanië (AZO).
In 1992-1993 werden twee nieuwe afdelingen opgezet: een bibliotheek- en documentatiecentrum en de afdeling Noodhulp, waarvan de laatste een steeds belangrijkere rol heeft gekregen.
MMM zet zich met name in voor verbeteren van de gezondheidszorg in de Derde Wereld. Dat betekent dat zij nauw samenwerkt met lokale partnerorganisaties, in ontwikkelingslanden medici opleidt en voorlichting geeft aan de bevolking over moeder- en kindzorg en het voorkomen van ziektes als aids en malaria. Daarnaast verleent Memisa medische noodhulp na rampen en oorlogen. Aan de activiteiten van MMM ligt (nog steeds) één gedachte ten grondslag: iedereen heeft recht op goede gezondheidszorg.
MMM was in 1995 uitgegroeid tot de grootste niet-gouvernementele organisatie (NGO) van Nederland met een omzet van 60 miljoen gulden per jaar en een personeelsbestand van 57 mensen in vaste dienst en twaalf vrijwilligers. Samen met Bilance (sinds 1995 een samenwerking tussen Bisschoppelijke Vastenaktie en CEBEMO) en Mensen in Nood werkt MMM sinds 1999 samen in Cordaid. [Zie de KDC-archieven van Bilance, projectdossiers en Cordaid -projectdossiers.
2. Verantwoording van de inventarisatie[2]
Vanaf 1991 is het MMM-archief en voorgangers in gedeelten naar het KDC overgebracht. Na de laatste zending in 1999 kende het archief een totale omvang van circa 120 meter. In de periode september 2000 tot en met juli 2001 zijn in het kader van het KDC Archiefontsluitingsproject de archieven van MMM en voorgangers geïnventariseerd. Er zijn twee toegangen op de archieven gemaakt. Eén toegang heeft betrekking op de vele projectdossiers. [Zie het KDC-archief Stichting Memisa Medicus Mundi - projectdossiers] De beschrijvingen van de ruim 17.000 projectdossiers, zijn opgenomen in het bestand Stichting Memisa Medicus Mundi - projectdossiers (MMMP). De dossiers beslaan circa 90 strekkende meter en betreffen de periode 1978-1995.
De tweede toegang - Stichting Memisa Medicus Mundi op deze pagina - heeft betrekking op de archieven van het bestuur en bureau van zowel MMM als de rechtsvoorgangers Memisa en Medicus Mundi (voortaan aangeduid als bestuursarchieven).
De bestuursarchieven van Memisa, Medicus Mundi en MMM zijn opgenomen in het bestand MMM. Middels een rubrieksindeling en het toevoegen van de naam van de archiefvormer voorafgaand aan de inhoudsbeschrijving zijn de verschillende archiefvormers toch gemakkelijk te onderscheiden. Vanwege de geringe omvang van de drie archiefdelen zijn verder binnen deze rubrieken geen onderverdelingen gemaakt.
Rubriek 1: Memisa (1925-1984). Het archief van NMMC/Memisa is erg onvolledig. In 1978 is veel archiefmateriaal verloren gegaan. Uit de periode van het NMMC resteert vrijwel alleen propagandamateriaal. Vergaderstukken en correspondentie met het episcopaat, orden en congregaties en lijsten van deelnemers aan de "medisch-hygiënische cursus" uit deze periode zijn vrijwel allemaal vernietigd. Ook is er volop Memisa-archief uit de periode na de Tweede Wereldoorlog vernietigd. Zo ontbreken bijvoorbeeld de belangrijke vergaderstukken van het bestuur tot 1966. Het archief uit de periode 1978-1984 is wel volledig aanwezig.
Rubriek 2: Medicus Mundi Nederland (1962-1984). Het archief is vrijwel geheel intact. Een jaar na de fusie in 1984 werd het archief vanuit Nijmegen naar Rotterdam overgebracht. De kern van het archief wordt gevormd door de vergaderstukken (inv.nrs. 1-21) brievenboeken uit de periode 1967-1980 (inv.nrs. 314-317).
Rubriek 3: Memisa Medicus Mundi (MMM) (1984-heden). Het archief is vanaf de oprichting van MMM in 1984 tot het moment van overdragen aan het KDC in 1997 compleet aanwezig. De series vergaderstukken van het bestuur (inv.nrs. 38-58) en correspondentie (inv.nrs. 66-84) vormen de kern van het archief.
[1] Deze inleiding is voornamelijk samengesteld uit: Jan Willemsen, Van tentoonstelling tot wereldorganisatie. De geschiedenis van de stichtingen Memisa en Medicus Mundi Nederland, 1925-1995, Nijmegen 1996. Daarnaast werd informatie verkregen van de internetpagina van MMM:
https://www.cordaidmemisa.nl/
[2] Gegevens over de geschiedenis van het archief werden ontleend aan een inleiding op een archieftoegang ("magazijnlijst") uit 1993. Deze inleiding werd geschreven door G. Rose en J. Willemsen
Literatuur van en over de Stichting Memisa Medicus Mundi kunt u vinden in RUQuest.
- Bibliografie in Bibliografieën Katholiek Documentatie Centrum
KDC – Beeld en Geluid
De collectie Beeld en geluid kunt u doorzoeken via de Catalogus van het KDC. Door te zoeken op ‘Memisa Medicus Mundi’ vindt u het bedoelde materiaal.